zondag 7 juni 2009
Ontplooiing
Kort geleden beschreef Plasterk op de opiniepagina's van NRC/Handelblad zijn beleid. Mijn reactie, zie hieronder, werd na enige eindredactie zaterdag geplaatst:
"In de beschrijving van zijn beleid schrijft Plasterk: “Je kunt alle onderwijs plaatsen op een as tussen twee uitersten: het ontplooiingsmodel en het instructiemodel”. Het is een slechte zin. Hier zijn vier redenen.
(1) Ontplooiing gaat over pedagogiek, instructie over didactiek, onvergelijkbare grootheden.
(2) Ontplooiing hoort de belangrijkste doelstelling van het onderwijs te zijn. Dat moet iemand die zich meer dan anderen heeft kunnen ontplooien als eerste beseffen. Als er één factor is die heeft bijgedragen aan de ellende van en met de jongeren van buitenlandse afkomst, dan is het gebrek aan ontplooiing. Veel te weinig is geprobeerd die jongeren te laten ontdekken wat hun mogelijkheden, hun talenten zijn. Nu werden en worden zij omdat hun beheersing van het Nederlands achterblijft bij dat van Nederlandse leerlingen weggediscrimineerd middels de CITO-toets. En dus krijgen zij niet de kans hun talenten te ontplooien. Geen wonder dat het rotjochies worden.
(3) Ontplooiing kan uitstekend samengaan met instructie onderwijs, als dat niet als enige didactische vorm wordt gehanteerd.
(4) Na Dijsselbloem zou de overheid zich slechts met onderwijsinhouden bezighouden, de rest was voor het onderwijsveld. Waar bemoeit Plasterk zich mee?"
"In de beschrijving van zijn beleid schrijft Plasterk: “Je kunt alle onderwijs plaatsen op een as tussen twee uitersten: het ontplooiingsmodel en het instructiemodel”. Het is een slechte zin. Hier zijn vier redenen.
(1) Ontplooiing gaat over pedagogiek, instructie over didactiek, onvergelijkbare grootheden.
(2) Ontplooiing hoort de belangrijkste doelstelling van het onderwijs te zijn. Dat moet iemand die zich meer dan anderen heeft kunnen ontplooien als eerste beseffen. Als er één factor is die heeft bijgedragen aan de ellende van en met de jongeren van buitenlandse afkomst, dan is het gebrek aan ontplooiing. Veel te weinig is geprobeerd die jongeren te laten ontdekken wat hun mogelijkheden, hun talenten zijn. Nu werden en worden zij omdat hun beheersing van het Nederlands achterblijft bij dat van Nederlandse leerlingen weggediscrimineerd middels de CITO-toets. En dus krijgen zij niet de kans hun talenten te ontplooien. Geen wonder dat het rotjochies worden.
(3) Ontplooiing kan uitstekend samengaan met instructie onderwijs, als dat niet als enige didactische vorm wordt gehanteerd.
(4) Na Dijsselbloem zou de overheid zich slechts met onderwijsinhouden bezighouden, de rest was voor het onderwijsveld. Waar bemoeit Plasterk zich mee?"
Abonneren op:
Reacties plaatsen (Atom)
3 reacties:
John, prima analyse en mooie gevolgtrekkingen naar het maatschappelijk vlak... Je zou willen dat de minister je blog volgt..of op z'n minst een ambtenaar met lef die het doorstuurt naar hem.
Met groet,
Bert van der Neut
Beste Rob, een toets is altijd een discriminatie. Simpel omdat dat woord onderscheid betekent in basisbeginsel.
Ben je eens met je conclusies dat didactiek en pedagogiek niet hetzelfde zijn. Ben het niet eens met je verhaal over zielige allochtonen. Lees Obama die aangeeft dat dit soort denken de betrokkenen zielig maakt en niet betrokken laat worden op hun eigen ontwikkeling. Moeten we anno 2009 echt mee stoppen.
Een reactie plaatsen